De verslaggevers van Omroep Lekstroom zijn de hele week in de regio te vinden om het nieuws te verslaan. Daarbij maken ze nog veel meer mee. Deze zomer kunt u wekelijks in deze column lezen wat dat zoal is.
Voor de zoveelste keer rijdt de Dierenambulance de straat in. Hij stopt weer voor het huis van dat jonge stel. Ik ga toch maar eens vragen hoe het komt dat zij zo vaak dieren langs de weg vinden. “Ik kan het gewoon niet aanzien om een dood of gewond dier te zien”, vertelt overbuurvrouw Susanne. “M’n vriend wil al dat ik werk zoek waarvoor ik niet door het buitengebied hoef te rijden. Dan zie ik niet zoveel dieren langs de weg.” Dit keer heeft ze een ziek of gewond vogeltje gevonden. “Die meld ik altijd bij de dierenambulance. Ook als ik een dode vogel vind. Dat willen ze graag, want dan kunnen ze onderzoeken of het om vogelgriep gaat. Dat ontdekken ze graag in een vroeg stadium, want die ziekte heeft grote gevolgen voor alle vogels en kippen.”
De dierenambulance is onderdeel van de dierenbescherming. In deze regio is het best ingewikkeld geregeld. IJsselstein en Lopik hebben een eigen dierenambulance, Nieuwegein moet naar Woerden bellen en Houten valt onder Utrechtse Heuvelrug. “Het ligt er een beetje aan of zo’n soort organisatie in een gemeente al bestond”, aldus coördinator Ben uit IJsselstein. “De Huisdierenvervoerservice in IJsselstein is ooit opgericht door Dierenkliniek IJsselstein. Je moet genoeg vrijwilligers hebben, die ook nog eens dag- en nachtdiensten willen draaien.”
Als boerendochter heb ik ook wel iets met dieren. Twee katten, vier kippen en vier konijnen maken het erg levendig rond mijn huis. Maar om nou dode dieren uit de berm te gaan vissen en aan de dierenambulance te geven, gaat me iets te ver. Daar ben ik net iets te nuchter voor. Meestal zijn die dieren dood omdat ze door een auto zijn aangereden. Dat hoort niet bij de ‘natuur’, maar is wel de realiteit.















