HOUTEN – De invasie van Oekraïne door Rusland speelt al bijna vier jaar. Een oorlog die dichtbij voelt: Oekraïners vluchten hier naar toe, de grens is maar twaalfhonderd kilometer van ons verwijderd. Ook in de Lekstroomregio zijn er mensen die opkomen en iets willen betekenen voor degenen die het minder hebben. Verslaggever Marie-Hélène Jeronimus reist met een Houtenaar die spullen naar Oekraïne brengt mee. Deel 4: Terug naar vrede
Waarschuwen
De wekker ging weer vroeg. We hadden op dezelfde tijd beneden afgesproken te ontbijten. Marcel was de enige die ik aantrof toen ik mij had klaargemaakt voor deze lange reisdag. Er zat dit keer geen haast achter, omdat we geen verplichtingen meer hadden richting anderen. In de ochtend is er natuurlijk maar één onderwerp om over te praten: de indrukwekkende dingen die je de dag ervoor hebt meegemaakt. Het gesprek met Jefgeniy, waarin hij mij vroeg om mensen om mij heen te waarschuwen voor deze oorlog, is wat mij het meest zal bijblijven.
Samen sta je sterker
Naast de serieuze sfeer die er soms hing, was het ook erg gezellig met mijn medereizigers. We zaten nog veertien uur met z’n zessen samen in de auto, dus als dat ontbrak, zou het wel een erg taaie rit worden. Gaandeweg ging het langzaam van -15°C in Polen naar 7°C in Duitsland. De strakblauwe lucht verdween en maakte plaats voor de bekende Nederlandse grauwe, grijze lucht. Nog even langs de snelweg bij Hannover met elkaar gegeten, Marcel afgezet in Hengelo, en toen waren wij terug in Houten.
Dit was iets prachtigs om mee te maken en ik ben daar erg dankbaar voor. Ik hoop dat er, door dit te schrijven, meerdere mensen in de Lekstroom-regio zullen zijn die gaan doneren aan Oekraïne. Want alleen samen komen we deze oorlog door.
Op naar de volgende rit richting Oekraïne.















