HOUTEN – De invasie van Oekraïne door Rusland speelt al bijna vier jaar. Een oorlog die dichtbij voelt: Oekraïners vluchten hier naar toe, de grens is maar twaalfhonderd kilometer van ons verwijderd. Ook in de Lekstroomregio zijn er mensen die opkomen en iets willen betekenen voor degenen die het minder hebben. Verslaggever Marie-Hélène Jeronimus reist met een Houtenaar die spullen naar Oekraïne brengt mee. Deel 2: Op naar het Oosten.
Gigantische tas
Het is half zes in de ochtend en de wekker gaat alweer hard af. Ik sliep samen met Pien en Sharon op de kamer. Pien is de dochter van Arjen (De Boer) en zij rijden ook allebei mee naar Oekraïne. Er was maar kort tijd om te douchen en wakker te worden, want we moesten snel gaan. Er stond namelijk een rit van 13,5 uur op ons te wachten. Met mijn gigantische tas en camera liep ik naar beneden, in de hoop dat er wel genoeg plek in de auto zou zijn voor al mijn spullen. Beneden stonden Tom en Arjen samen op ons drietjes te wachten. Tom is de vijfde van de zes rijdenden die ik nu genoemd heb, alleen Marcel blijft nog over.
Geforceerd praten
Marcel zouden wij pas bij de Duitse grens zien, dus was het eerst even met twee auto’s die kant op rijden. De vrije stoel die de perfecte plek leek om al mijn spullen op neer te leggen, was blijkbaar ook mijn zitplaats. Daar zat ik dan, tussen de etenswaren, vele batterijen en incontinentiemateriaal, voor de aankomende twee uur gepropt. Eenmaal aan de grens zagen we Marcel en begon mijn reis met Tom. Samen in de auto met een vreemde voor de aankomende elf uur is de beste manier om iemand te leren kennen. Je wordt geforceerd om met elkaar te praten en uiteindelijk vind je wel een raakvlak en ga je daarover door.
Wij waren niet meer goed te herkennen aan onze nummerplaten; de auto’s die voor Oekraïne bestemd zijn, hebben een wit nummerbord, een tijdelijk kenteken voor wagens die voor de export bedoeld zijn. De auto is dan verzekerd en moet binnen twee weken Europa uit zijn. Dat moet gelukkig wel goed komen.
Na vele uren 150 op de linkerbaan gereden te hebben, was het tijd voor de grens met Polen. Naar mijn idee was dit de grote verandering, omdat je het Oostblok in gaat. Niks was minder waar.
Woordpuzzel
Het enige dat je ziet, is de snelweg en die leek verdacht veel op die van Duitsland. Je krijgt, behalve de snelweg, niks mee van zo’n land, geen eens een vleugje van de cultuur, behalve de woorden op de borden langs de weg. Die lijken in Polen net alsof ze een woordpuzzel voor je hebben gemaakt en je zelf moet uitvogelen wat er staat. Het lijkt erg veel op de NS-woordpuzzel.
Pierogi ruskie
In Polen bedekt een witte deken van sneeuw het land. Een die in Nederland jammer genoeg al bijna helemaal weg is. Bij sneeuw komt ook wel erge kou kijken; de temperatuur was ineens van zes graden in Duitsland naar min vier in Polen gesprongen. Om half acht zijn wij aangekomen bij ons hotel dichtbij Krakau. Hier hebben wij met z’n zessen nog even genoten van een maaltijd. Er stond pierogi ruskie, barszcz z uszkami, frytki en udko op het menu. Geen idee wat het is, maar genoeg om van te genieten!
Zondag gaan we Oekraïne in.















