HOUTEN – Twee keer per jaar worden de dijken gecontroleerd op gebreken, zoals gaten. De Lekdijk, 55 kilometer lang, is dezer dagen aan de beurt. Inspecteurs van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden trokken er in hun felgekleurde hesjes op uit om om bij Tull en ’t Waal te controleren of de dijk nog veilig is en om eventuele bijzonderheden vast te leggen.
Zo’n officiële inspectie gebeurt in het voor- en het najaar. In de herfst kijkt het waterschap of de dijk op orde is voor het winterseizoen, want in die periode is de kans op storm en hoogwater groter. In het voorjaar kijken ze of er schade is ontstaan in de winter en of hier iets aan gedaan moet worden.
De inspectie
Het inspecteren van een stuk dijk gebeurt in tweetallen. Een van de inspecteurs loopt dan bovenop de dijk en de ander loopt onderaan mee. Zo zien ze niks over het hoofd en kunnen ze de hele dijk goed in de gaten houden.

Waar wordt op gelet?
Het is belangrijk dat het profiel van de dijk gelijk blijft, er moeten geen scheuren of verzakkingen in zitten. Ook letten de inspecteurs erop dat er geen grote kale plekken op de dijk ontstaan. Dit kan instabiliteit veroorzaken als er water tegenaan komt. “Eigenlijk doen we er gewoon alles aan om te zorgen dat de dijk intact blijft”, vertelt Edwin Schaap van de Stichtse Rijnlanden.
Attributen
Voor de inspectie is een aantal attributen nodig. Een voorbeeld daarvan is een prikstok, deze kunnen ze in de grond steken om te kijken hoe diep eventuele scheuren in de dijk zijn. “Maar het belangrijkste ben je zelf, om alles goed te inspecteren”, vertelt Edwin. In zijn ogen is een goede inspectie ook een saaie inspectie waar ze weinig problemen tegenkomen. Over het algemeen is dit het geval. Er worden alleen wat kleine zaken met een laag risico gevonden.
Grote ontgravingen of andere gevaarlijke problemen komen bijna nooit voor. “En gelukkig maar, want anders zouden we de zaken niet op orde hebben”, aldus Edwin.
Foto: Noémy van der Weijden















