Je leest vaak over de tegenstellingen tussen generatie Z en generatie X. De maatschappij ontwikkelt snel en drastisch en de jonge generatie groeit mee. Doet de generatie die opgroeide eind vorige eeuw dat ook? Wij, verslaggevers Bo (Gen Z, 19 jaar) en Jacqueline (Gen X, leeftijd wil ze niet zeggen), willen graag samen onderzoeken hoe groot de kloof tussen onze generaties nou echt is. Dat doen we in een wekelijkse column, waarbij we in app-vorm verschillende thema’s bespreken.
Hi Jacqueline,
Ik zag laatst de vraag “Is generatie Gen Z te gevoelig?” voorbij komen. Het ontvangen van kritiek is niet voor iedereen even fijn. Als ex- leidinggevende weet jij maar al te goed hoe het is om mensen, waaronder Gen Z-ers, aan te sturen.
Nu zal het ontvangen van kritiek voor een deel karakter zijn en dus per persoon verschillen. Wel denk ik dat Gen Z sneller motivatie verliest bij kritiek. De ‘oude garde’, als ik dat zo mag zeggen, is vanuit oude gewoontes misschien wat directer en zegt waar het op staat. Ik heb het gevoel dat wij als Gen Z kritiek moeilijker accepteren. En dat we, zoals het vooroordeel stelt: emotioneler en eigenwijzer zijn als het aankomt op kritiek.
Het is natuurlijk algemeen bekend dat onze generatie, voornamelijk na corona, mentaal wat kwetsbaarder is. We zijn natuurlijk niet gestoord of zo, maar schijnbaar wel wat gevoeliger. Hoge werkdruk en veel stress zijn zaken waar we niet altijd meer aan gewend zijn. En, ik gok dat ik voor de meesten spreek, we zullen het liever uit de weg gaan.
We zijn niet allergisch voor kritiek, maar ik denk eerder mondig over waar we het wel en niet mee eens zijn. Juist omdat onze generatie zich vaker uitspreekt over maatschappelijke situaties die aangepakt moeten worden, denk ik dat de meesten het ook zouden zeggen als ze het ergens niet mee eens zijn. Hoe denk jij daarover? En was daar vroeger ook ruimte voor?
Ik ben benieuwd hoe jij dat ervaart met onze Gen Z’ers. Merk je dat er in een jonge omgeving anders wordt omgegaan met kritiek?
Groetjes,
Bo
Hi Bo,
Ah, je raakt een gevoelige snaar bij mijn leeftijdgenoten. Er komen grappige video’s -voor mijn generatie dan- langs over Gen Z in het leger. Bij de leidinggevende klaagt die over “wat teveel top-down communicatie.”
Ik merk ook dat ik al wat voorzichtiger wordt, want ik hoop dat wat ik ga zeggen niet wordt opgevat als kritiek 😉
Onze generatie is opgegroeid met ouders uit de generatie “niet lullen, maar poetsen.” Complimenten werden zuinig uitgedeeld. Als je vals zong, werd dat direct uitgesproken en nam niemand de moeite om je nog naar een talentenjacht te sleuren.
Je werd stevig geplaagd met onder meer rood haar (stoplicht, spring eens op groen), lengte (hé lange) of grote neus (eerst komt zijn neus, dan komt Arie).
“Onze Herma plakt posters”, versimpelde een moeder het werk van haar dochter als hoofd marketing communicatie op een verjaardag.
In reactie op deze spartaanse opvoeding prijzen we ons kroost vaak de lucht in. Dus komen veel millenials of Gen Z-ers pas in hun werkkring in aanraking met weinig teergevoelige ouderen. Die leidinggevenden hadden zelf bazen die foute grappen maakten, grof en seksistisch waren. Ze proberen het wel anders te doen, maar dat lukt niet altijd. Ik herinner me een oude leidinggevende die op zijn eerste werkdag aangaf dat hij werkte volgens het FIFO-model. Het team dacht aan een nieuwe management-techniek, maar het bleek zijn zelfbedachte ‘fully integrate or fuck off-principe.’
Ik denk dat het inderdaad karakter is in hoeverre je daartegen in opstand komt en of je dat in je eentje doet. Mijn ervaring is dat Gen Z zich met een megafoon uitspreekt over diversiteit, klimaat en andere maatschappelijke problemen. Als het werkomstandigheden betreft zullen ze eerder onderling “toxische werkomgeving” mompelen en medestanders zoeken. En vervolgens niet rechtstreeks, maar via HR of een directeur regelen dat de leidinggevende erop wordt aangesproken.
Persoonlijk denk ik dat je van opbouwende kritiek beter wordt. Bazen die me aanmoedigden met “jij kunt toch meer” droegen er aan bij dat ik zelf manager werd. Kritische medewerkers maakten mij vervolgens een betere leidinggevende. Feedback is niet persoonlijk, maar maakt je beter in wat je doet. Wel natuurlijk op een vriendelijke manier. “C’est le ton qui fait la musique” zeiden de Fransen al (oftewel “het is de toon waarop je het brengt”). En dan kun je ’s avonds gewoon nog een biertje met elkaar drinken en elkaar aardig vinden.
Cheers!
Jacqueline
Fotobewerking: Annabel Rutten












