LOPIK – Het is dit weekend druk op de Veiligheidsdag ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de brandweer in Benschop. “Dat er dit jaar meerdere brandweerkorpsen honderd jaar bestaan, is geen toeval”, zegt bevelvoerder Edwin Sonnevelt van de brandweer in Benschop (onlangs bestond de brandweer in Houten ook honderd jaar). De brandweer werd steeds professioneler en ook de overheid ging zich actiever met brandbestrijding bemoeien. Dat leidde tot de oprichting van diverse korpsen in de regio.
In 1916 werd de Nederlandse Brandweervereniging opgericht door de brandweercommandanten van Den Haag en Leiden. Het duo wilde ‘het peil van het brandweerwezen’ verhogen. Al snel kreeg deze vereniging het predikaat ‘Koninklijk.’
“Daaronder hing vanaf 1923 de Utrechtse Provinciale Brandweerbond”, zegt Sonnevelt. Gemeentes dachten na over hoe de brandbestrijding georganiseerd kon worden. Er kwamen steeds meer korpsen, waaronder Benschop.
Niet alleen maar branden
Vroeger lag de nadruk op brandbestrijding. In 1985 trad de Brandweerwet in werking, die bepaalde dat ook het “beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen” tot het takenpakket ging behoren. “Dat betekende dat de brandweer nu ook wordt ingezet om mensen uit te water geraakte voertuigen te redden”, zegt brandweerman Jos van Jaarsveld, die het korps al 41 jaar versterkt. “Of uit een lift.” Daarnaast wordt de brandweer veel ingezet voor reanimaties. “Onze uitruktijd is drie minuten”, zegt Sonnevelt. “Door het fijnmazige netwerk van brandweerkazernes in de provincie Utrecht zijn wij vaak sneller dan de ambulance die een opkomsttijd heeft van 15 minuten.”
Twee jaar opleiding
Het korps in Benschop draait volledig op vrijwilligers. Ze organiseren veel activiteiten voor bewoners en dat zorgt voor nieuwe aanwas. “We mogen niet klagen”, zegt Sonnevelt. “Maar nieuwe vrijwilligers zijn altijd welkom.”
Er wordt wel meer van het korps gevraagd dan vroeger. “Vroeger was je in een winter klaar met de opleiding”, zegt Van Jaarsveld. “Nu duurt een volledige opleiding twee jaar.” Hij weet waar hij over praat, want hij maakte drie commandanten mee. Ook herinnert hij zich nog dat een sirene vroeger met de hand moest worden aangedraaid, voordat deze werd vervangen door een elektrische.

Specialisatie
Sinds 2010 zijn er veiligheidsregio’s en hebben veel korpsen hun eigen specialisme. “Zoals een korps dat gespecialiseerd is in rieten daken”, vertelt Van Jaarsveld. “Vroeger deden wij dat erbij.”
“De veiligheidsregio Utrecht heeft een eigen drone-team en in Veendaal wordt een pilot uitgevoerd met drones in een box”, voegt Sonnevelt toe. Het maakt dat de brandweer steeds weer professionaliseert en innoveert. “Ieder jaar worden we bijgeschoold. Zo blijven we bij”, zegt Van Jaarsveld.
Het brandweerkorps in Benschop is gespecialiseerd in het redden van vee en wordt vaak door teams uit de regio te hulp gevraagd. “Gemiddeld rukken we drie tot vijf keer per maand uit”, telt Sonnevelt.
Ingrijpende gebeurtenissen
In de kazerne is behalve een kleedkamer voor de jeugdbrandweer ook een goed geoutilleerde bar ingericht. Daar worden successen gevierd, maar komt men ook samen na heftige gebeurtenissen. Van Jaarsveld noemt het omvallen van twee voertuigen, waaronder een SRV-wagen, die van de weg raakten en van de dijk af vielen. Sonnevelt is vooral bijgebleven dat het team aan een moeder moest vertellen dat de reanimatie van haar kind moest worden gestopt. “Ik kan mij die situatie nog zo voor mij halen”, zegt hij. Er is tegenwoordig ook een Collegiaal Opvang Team (COT), dat in dat soort gevallen ondersteuning kan bieden.
Iedereen begrijpt dat je je werk doet
“Brandweer zijn is een roeping”, benadrukt Van Jaarsveld. Hij woont zelf dicht in de buurt en kent de bewoners van Benschop goed. “Daardoor ben je meer betrokken”, vertelt hij. “Maar je moet het ook los kunnen laten.”
Ook Sonnevelt werkt inmiddels twintig jaar voor de brandweer. Last van agressie hebben ze in Benschop minder dan in de grote stad, vertelt hij. “De mensen hier zijn vriendelijk. Iedereen begrijpt dat je je werk doet.”
Foto: Omroep Lekstroom














