IJSSELSTEIN – De een wil bij de politie, de ander wil lopen zonder last en weer een ander komt vooral voor de gezelligheid. Op vrijdagochtend verzamelt een divers gezelschap Lekstromers zich in de Utrechtsestraat in IJsselstein voor een uurtje hardlopen. In deze (zondag)serie van Omroep Lekstroom volgen we verschillende inwoners op hun weg naar de Linschotenloop op 20 december.
Lees ook deel 1, 2, 3, 4 en 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12 en 13 van de serie.
“Is er iemand die per se om 10.00 terug moet zijn?”, vraagt Wilma aan het begin van de training. Ze neemt de loopgroep vandaag over van Elma. Fanatiek als de groep is, heeft niemand daar bezwaar tegen. Wilma is niet fit, dus is mee op de fiets. “Daarom sta ik hier met 600 lagen aan”, begint ze de rekoefening. “Het is warme wind hoor!”, grijnst iemand. “Respect dat je er bent!”, prijst een ander.
Wilde stoppen
De groep rent vandaag vier blokjes van 9 minuten. Voor sommigen een van de laatste opmaten richting de Linschotenloop. Niet iedereen loopt hem. Jessica (52) houdt het bij de wekelijkse training – overigens naast mountainbiken, wielrennen en small group training. Ze sport een paar keer in de week. Maar er was een tijd dat het plezier in lopen was verdwenen. “Ik wilde ermee stoppen”, zegt ze. Ze rende halve en hele marathons – “ik kan me er niks meer bij voorstellen, dat soort afstanden.”
Dat deed ze met een hardloopgroep vanuit DeMIX in Nieuwegein. De eerste grote wedstrijd die de groep rende, was de halve marathon in Berlijn. “Het was zo spannend of ik het ging halen”, blikt ze terug. “Ik had nog nooit zoiets gedaan.” Ze startte in opperste concentratie: full-focus. “Mijn vrienden vroegen: heb je Checkpoint Charlie gezien? Ehm, nee”, moest ze toegeven.
Once in a lifetime
Het weekendje weg met z’n allen beviel zo goed dat ze zeiden: dat houden we erin. Barcelona, Praag, Terschelling en Egmond volgden. “De Berenloop op Terschelling ging zo lekker dat ik na een paar biertjes tegen een vriendin riep: volgend jaar gaan we naar New York! Dat heeft ze onthouden”, lacht ze. Jessica wilde al langer een hele marathon rennen. “Ik dacht: dat wordt waarschijnlijk once in a lifetime: dus als ik het doe, wil ik hem in New York doen.”
Tijdens het trainen speelde een voetblessure op. Door de pijn heen rende ze de hele. Maar toen ze een paar maanden later weer in Egmond rende, was de pijn nog heviger. “Ik dacht: er zit iets niet goed. Dit moet leuk zijn. Maar ik zit zo in elkaar dat m’n hoofd dan sterker is en zegt: door, door, door.” Na een break sleepte een vriend haar weer mee en bij REactive is ze weer rustig gaan opbouwen.
Gouden wedstrijdtip
Uit de wedstrijden die ze rende haalde Jessica een gouden tip. “In zo’n startvak sprint iedereen weg. Dan moet jij je inhouden. En dat is een mindfuck, want iedereen gaat je voorbij.” Op je horloge blijven kijken en je eigen tempo blijven lopen, heeft ze daarvan geleerd. “En het mooie is: je komt op een punt waar je mensen inhaalt die jou eerder hebben ingehaald. Dat psychologische effect doet ook wat met je. In de tweede helft kon ik vaak zelfs iets versnellen.”
(wordt vervolgd)
Foto: Dirk Hooijer















