IJSSELSTEIN – De een wil bij de politie, de ander wil lopen zonder last en weer een ander komt vooral voor de gezelligheid. Op vrijdagochtend verzamelt een divers gezelschap Lekstromers zich in de Utrechtsestraat in IJsselstein voor een uurtje hardlopen. In deze (zondag)serie van Omroep Lekstroom volgen we verschillende inwoners op hun weg naar de Linschotenloop op 20 december.
Lees ook deel 1, 2, 3, 4 en 5, 6, 7, 8, 9 en 10 van de serie.
“Ik wil zo intensief bezig zijn dat je niet na kunt denken”, vertelt Julia (29). En dat gevoel had ze niet bij hardlopen. “Als ik sport, wil ik m’n hoofd leeg kunnen maken.” Haar vriend, fanatiek hardloper, probeerde haar meermaals aan het lopen te krijgen. Collega’s trokken haar uiteindelijk over de streep. “Zij deden mee aan de IJsselsteinloop. En ze hebben me geforceerd om mee te doen”, zegt ze lachend. “Maar toen ik dat eenmaal had gedaan, dacht ik: dit is eigenlijk best leuk.”
Zó intensief sporten dat ze niet kan nadenken: dat is het niet bij hardlopen. “Maar ik merk dat er genoeg afleiding is als je in de flow zit. Zeker in zo’n groepje. Dan ben je bezig met: hoe snel gaan we, je bent wat aan het praten. Dat is anders dan ik had verwacht.” Bij de Linschotenloop hoopt ze de vijf kilometer in een snellere tijd te lopen dan bij de IJsselsteinloop.
“Soms denk ik: het gaat te langzaam. Maar het is beter om het rustig op te bouwen”, weet ze. Haar vriend drukte haar op het hart: rustig beginnen, anders krijg je blessures. “Dus van hem moest ik eigenlijk meedoen hier, haha”, vertelt Julia.
Moeilijkste afstand voor een loper?
Het weer is goed vandaag: fris, maar helder. Dat helpt om de deur uit te gaan. “De moeilijkste afstand voor een loper”, zegt een van de lopers me, “is van de stoel naar de voordeur.” Ronald, die de loopgroep begeleidt, reageert lachend als ik hem die uitspraak voorleg. “Zelfs marathonlopers – en dat zijn hardcore lopers – hebben er vaak moeite mee om op weg te gaan. Wie het doet, herkent de voldoening als die het uiteindelijk gedaan heeft.” En tóch voelt de drempel hoog. “Dat vind ik zo’n fascinerend fenomeen”, vertelt Ronald. “Je hersenen zeggen: niet doen, terwijl je weet dat je je daarna beter voelt.”
Genoeg voor een paar biertjes
Binnen de loopgroep lijkt het enthousiasme over het rennen alleen maar toe te nemen. De lopers merken de vooruitgang. Én zo hebben ze wat te compenseren voor het weekend. “Genoeg calorieën verbrand voor een paar biertjes vanavond!”, laat iemand zich ontvallen aan het eind van de training.
(wordt vervolgd)
Foto: Dirk Hooijer













