NIEUWEGEIN – Meer dan 10.000 euro is er in de laatste week voor het evenement nog opgehaald. Daarmee is de eindstand van de eerste editie van Swim To Fight Cancer Nieuwegein €60.439. Ruim honderd kinderen en volwassenen sprongen vanmiddag de Vaartse Rijn in bij de Museumwerf onder het toeziend oog van honderden mensen. “Echt een topdag, ik kan niet anders zeggen.”
Organisator Paula van Elst was vroeg wakker vandaag. Vanaf 8.00 was het team aanwezig om voor te bereiden. Tachtig vrijwilligers hielpen mee. De kinderen startten om 12.00, om 13.00 gingen de volwassenen van start. “We hadden megamazzel met het weer”, zegt Van Elst. “Bij de start van de kids stond de kade aan beide kanten vol, en ook de bruggen. Er waren fans, mensen met bloemen. Iemand die gisteren jarig was had aan haar vrienden gevraagd: kom naar de werf en geef niet voor mijn verjaardag, maar doneer voor het goede doel. Toen ze klaar was, werd ze juichend uit het water gehaald met ballonnen.”
Lees ook: Carin duikt het open water in voor Swim To Fight Cancer met haar vader in gedachten
Verrassing
Burgemeester Marijke van Beukering zwom als ambassadeur van het evenement ook mee. Voordat ze zelf het water in ging, stond ze klaar op het ponton om de kinderen een high five te geven. Ze reikte ook de cheque uit aan Van Elst en mede-organisator Ann de Vries. Die wisten het eindbedrag nog niet. “Dat er in een week tijd nog meer dan €10.000 bij is gekomen, is heel vet”, zegt Van Elst.

Tweede editie
Wat haar betreft komt er volgend jaar een tweede editie. “Deze trein rijdt nu, die hoeven we alleen maar aan te duwen. Dat maakt het makkelijker.” Ze werd geadviseerd om het niet ieder jaar te doen. “Als je ieder jaar vrienden en familie vraagt om te doneren, droogt dat op den duur op.”
Eerder vertelde Van Elst tegen Omroep Lekstroom te hopen dat ze het evenement volgend jaar kunnen uitbreiden naar een wandelevenement van Fight Cancer waar ook patiënten bij betrokken zijn. “Eerst maar eens nog een gewone Swim. Het jaar daarop zouden we wel eens iets heel anders kunnen doen.”
Foto’s: Martine van Rooijen














