Je leest vaak over de tegenstellingen tussen generatie Z en generatie X. De maatschappij ontwikkelt snel en drastisch en de jonge generatie groeit mee. Doet de generatie die opgroeide eind vorige eeuw dat ook? Wij, verslaggever Bo (GenZ) en eindredacteur Jacqueline (GenX), willen graag samen onderzoeken hoe groot de kloof tussen onze generaties nou echt is. Dat doen we in een wekelijkse column, waarbij we in app vorm verschillende thema’s bespreken.
Dag Jacqueline!
Daar zijn we weer. Fijne kerst gehad? Na alle kerstdrukte, verplichte gezelligheid en het inmiddels traditionele burgerlijk dineren met de familie, staan we alweer met één been in het nieuwe jaar. Wat gaat dat absurd snel, vind je niet? Corona is vijf jaar geleden. VÍJF. Hoe dan? Toen was ik veertien en zat ik dagelijks online te bellen met vrienden.
In die voorbijgevlogen jaren ben ik ongemerkt van tiener naar jongvolwassene gegroeid. Aankomend jaar word ik twintig en dat voelt toch een beetje als een nieuw tijdperk. Een soort software-update van mijn leven.
Rond deze tijd van het jaar komt altijd hetzelfde onderwerp ter sprake: goede voornemens. Losjes besproken, meestal tussen een oliebol en een glas lauwe champagne. Wat wil ik bereiken? Waar wil ik naartoe? En vooral: wie wil ik dit jaar zijn?
Eerlijk is eerlijk: ik ben geen diehard gelovige als het om goede voornemens gaat. Wensen die op 1 januari magisch uitkomen omdat je ze hardop hebt uitgesproken? Mwah. Geloof jij daarin? Onder onze generatie is het nu een (Spaanse) TikTok-hype om een druif onder de tafel te eten, want dan komen je wensen uit. Hoe langer ik erover nadenk, hoe nieuwsgieriger ik word naar waar dat hele concept eigenlijk vandaan komt. Is het een poging tot zelfverbetering? Een stok achter de deur? Of gewoon een klein lichtpuntje in de donkerste maanden van het jaar, om onszelf wijs te maken dat we opnieuw mogen beginnen?
Ik merk dat ik tegenwoordig niet zo goed meer weet wat ik moet geloven. Maar goed, dat betekent natuurlijk niet dat ik géén voornemens heb. De klassiekers komen elk jaar wel weer terug: school halen, een beetje nadenken over wat ik later wil worden (alsof iemand dat écht al weet), en misschien iets minder feesten dan vorig jaar.
Hoe kijk jij naar goede voornemens? Zijn ze zinvol of vooral goedbedoelde illusies? En heb je er misschien eentje waar ik nog wat van kan leren, liefst eentje die ik ook na februari nog volhoud;)
Liefs,
Bo
Hi Bo!
Het leven lijkt inderdaad net een wc-rol. Als je jong bent draait hij langzaam; naarmate je ouder wordt vliegt hij steeds harder rond. De tijd gaat hard.
Jouw vraag komt precies op het moment dat ik ben begonnen aan mijn lijstje met goede voornemens voor 2026. Niet iedereen binnen mijn generatie maakt er eentje. Sommige mensen reageren hoogst geïrriteerd, als ik ze ernaar vraag. Ze roepen dingen als ‘mijn voornemen is gewoon doorgaan met leven zoals ik doe’.
Als ik één ding heb geleerd, dan is het wel: maak het SMART. Overijverige managers gebruiken die vreselijke afkorting graag in heisessies van bedrijven. Het houdt eigenlijk gewoon in: maak het concreet.
Vroeger schreef ik op ‘vaker naar een concert of theater gaan’. Dan kwam er niet altijd iets van. Nu noteer ik ‘een keer per maand naar een concert of theater gaan.’ Aan het eind van het jaar kijk ik tevreden terug op het lijstje met genoteerde leuke uitjes.
Een paar zaken op het lijstje lukken niet, maar hé, we zijn geen robots en je kunt niet alles programmeren. Soms gooit het leven dingen op je pad die maken dat je niet die marathon kunt lopen. En je moet natuurlijk ook naar je gevoel blijven luisteren. Je kunt je voornemen CEO van een multinational te worden. Maar als je niet van confrontaties of het nemen van moeilijke beslissingen houdt, word je niet gelukkig.
Misschien werkt het dus beter om niet te zeggen ‘ik wil minder feesten’, maar -zoals ik een paar jaar terug deed- jezelf voor te nemen alleen nog naar feestjes te gaan waar je je echt op verheugt en die niet als verplichting voelen.
Het zijn positieve intenties en die hangen niet af van de jaarwisseling of van druiven onder tafels. Je kunt het hele jaar door roepen ‘ik vind een parkeerplek voor de deur’ (probeer maar eens, werkt bij mij acht van de tien keer). En jezelf iedere dag met je diploma feliciteren schijnt voor je hersenen ook beter te werken dan denken ‘ik moet het halen’, aldus een boek dat ik pas geleden las.
Dus misschien proberen we met goede intenties toch een beetje onze hersens te her-programmeren. Als iedereen er ‘aardig zijn voor elkaar’ op zet, wordt het vast een leuk jaar.
Zullen we aan het einde van het jaar vergelijken? En nu er maar eerst eens een gezellige jaarwisseling van maken.
Cheers en liefs,
Jacqueline
Fotobewerking: Annabel Rutten















