HOUTEN – Op de avond van mijn afstuderen liep ik in volle glamour over het podium – mijn haar perfect in model, mijn make-up nog steeds onberispelijk onder de felle lichten. Na het applaus gooide ik mijn afstudeercap in de lucht, liep de menigte uit, trok mijn toga uit en stapte in een wachtende auto. In de stilte die volgde, reden we door de nacht van Ankara naar Istanbul – niet om te vieren, maar om het land te verlaten waarin ik zojuist een toekomst had opgebouwd.
De gebeurtenissen van 15 juli 2016 – de mislukte staatsgreep in Turkije – veranderden alles voor mijn familie. Mijn ouders, zoals zovelen, werden geconfronteerd met onzekerheid, wantrouwen en angst voor hun veiligheid. Mijn vader bracht 19 maanden in de gevangenis door. En zelfs na zijn vrijlating was ons leven verre van normaal.
De situatie van mijn vader bleef het meest kwetsbaar. Hij werd beschuldigd van betrokkenheid bij de coup en van lidmaatschap van de Gülen-beweging – beschuldigingen die destijds veelvuldig werden gebruikt tegen mensen die kritisch stonden tegenover de regering-Erdoğan. Zonder perspectief op een veilig of waardig bestaan in Turkije, begon ik slechts enkele uren na het behalen van mijn diploma in 2019 aan de reis die mij van Ankara naar Istanbul en uiteindelijk naar vluchtelingenkampen in Nederland zou brengen. Dit artikel vertelt het verhaal van hoe ik vertrok, wat ik daar aantrof en hoe ik mijn leven probeerde opnieuw op te bouwen, ver weg van de toekomst die ik ooit voor mezelf had gezien.
Verdriet en angst
Die nacht reden mijn moeder, broer, oom en ik richting Istanbul voor de vlucht die ons uit Turkije zou brengen. De rit duurt normaal vijf uur, maar die nacht leek hij eindeloos. We vertrokken om middernacht, sliepen even op een parkeerplaats en aten de lahmacun die mijn moeder had meegenomen. Bij zonsopkomst nam mijn oom ons mee voor een kom penssoep – mijn laatste maaltijd in Turkije. De straten waren grotendeels leeg, maar we meden alsnog verkeerscontroles, bang om gevolgd te worden. Ik voelde alles tegelijk: verdriet, angst, woede, en een stille weigering om te accepteren wat er gebeurde.
Zwaarbewapend
De vlucht naar Nederland duurde vier uur. Hoewel mijn vader inmiddels vrij was, bleef het risico groot dat hij zou worden opgeroepen om de rest van zijn bijna zevenjarige straf alsnog uit te zitten. Hij stond onder een strikt uitreisverbod en kon het land niet legaal verlaten. Daardoor moest hij achterblijven toen wij vluchtten. Afscheid nemen zonder te weten wanneer ik hem weer zou zien, voelde alsof ik een leeg, wit toekomstbeeld instapte. Aan de grens stonden zwaarbewapende agenten al vóór de beveiligingscontrole. Het voelde alsof ik bij een buurman aanklopte met de vraag: “Mijn ouders kunnen mij niet beschermen. Kunt u mij opvangen?”
Maanden later wist mijn vader uiteindelijk uit Turkije te ontsnappen; met hulp van een smokkelaar stak hij per boot over naar Griekenland en bereikte later Nederland, waar wij weer werden herenigd.
Het eerste asielzoekerscentrum was druk en fel verlicht, met blauwe vloeren, blauwe stapelbedden en zware sloten op de deuren. Het was augustus en ondraaglijk warm. Na twee dagen van aanmeldingen en medische controles werden we overgeplaatst naar azc Budel en later naar azc Balk in Friesland, waar we langer verbleven.
Desinfectiemiddel
Het leven in het kamp voelde tijdelijk en kil, ook al deden coa-medewerkers hun best om een gevoel van thuis te creëren. De dagen waren gestructureerd maar beklemmend: elke dinsdag stonden we in de rij om onze wekelijkse toelage te tekenen, gevolgd door lange uren van wachten op brieven, gesprekken of aankondigingen. De gangen roken naar schoonmaakmiddel, oud eten en desinfectiemiddel.
Toch waren het juist de kleine momenten die het leven draaglijk maakten – bewoners die een klein moestuintje en een paar kippen verzorgden, middagen waarop ik vioollessen gaf en de kleine overwinningen die we vierden: lange wandelingen, mijn moeder leren fietsen, of sociale activiteiten organiseren voor andere bewoners. Zelfs in een drukke, tijdelijke omgeving gaven deze momenten een kwetsbare vorm van thuis.
Overweldigend
Nu, zes jaar nadat ik in Nederland arriveerde, heb ik mijn onderzoeksmaster Linguïstiek afgerond, loop ik stage als journalist en speel ik in twee orkesten. Een leven opnieuw opbouwen was moeilijk – beginnen zonder taal, identiteit of zekerheid was overweldigend. Ik kwam aan met boosheid en onzekerheid, ervan overtuigd dat de vonk en schoonheid van het leven alleen in Turkije bestonden, tot ik inzag dat ík degene ben die de bloemen en het licht meebrengt, waar ik ook ga.
Dankbaar
Toen ik deze zomer, na zes jaar, weer in Turkije was, zag ik de straten en vrienden die mij zo vertrouwd waren. Maar ik voelde ook dat het leven waar ik naar had verlangd, op mij wachtte hier. Vandaag ben ik dankbaar dat ik Nederland mijn thuis kan noemen.















