NIEUWEGEIN – Zahraa (32) woont in Nieuwegein en komt uit Libanon. Haar 20-jarige broer Mohammed Fawaz kwam in juni bij een raketaanval om het leven. Aan Omroep Lekstroom vertelt ze haar en ook zijn verhaal.
Op 15 juni 2026 kwam de 20-jarige student ,Mohammed Fawaz, om het leven toen Israël raketten afvuurde op een dorpje in Zuid-Libanon. Hij was daar op dat moment met vrienden. Voor zijn zus, de 32-jarige Zahraa Fawaz uit Nieuwegein, veranderde die dag ook haar leven.

Volgen wat er in Libanon gebeurt
Zahraa woont inmiddels 11 jaar in Nieuwegein, nadat ze hier trouwde. Haar familie woont in Libanon, onder moeilijke omstandigheden, merkt Zahraa. Ze volgt, net als veel Libanezen die geëmigreerd zijn, het nieuws via sociale media, zoals Facebook en online nieuwssites. Zo ziet zij op afstand hoe de situatie in Libanon verandert, waardoor haar zorgen alleen maar groeien. Zahraa is niet de enige LIbanese in de regio: zo vertelt ze dat er nog iemand in Nieuwegein is die ook een familielid heeft verloren door de oorlog. Zahraa heeft weinig hoop dat de situatie binnenkort beter wordt.
Voordat Zahraa naar Nieuwegein verhuisde, woonde ze tot haar 20ste in Libanon met haar ouders, twee zussen en twee broers. Haar jongste broertje was Mohammed. Hij had een speciaal plekje in haar hart. “Ik zorgde voor hem als een soort tweede moeder. Ik droeg hem, maakte eten voor hem en nam hem mee naar de zee. We deden veel samen en we hadden een hechte band,” vertelt Zahraa.
Op de dag van zijn overlijden kreeg Zahraa een bericht van haar moeder dat ze al een tijdje geen contact met hem had gehad. De familie hield nog hoop dat hij veilig was. Een dag later kregen zij de bevestiging dat Mohammed was omgekomen. Zijn familie kreeg zijn lichaam niet volledig terug; er werden alleen enkele botresten gevonden die zij konden begraven.
Laborant
Mohammed zat in het laatste jaar van zijn opleiding tot medisch laborant aan de Al-Ma’araf Universiteit in Beiroet. Hij hield van reizen, hiken en zwemmen. Bovendien vertelt Zahraa dat ze samen genoten van zingen en dansen. Hier heeft ze goede herinneringen aan uit de tijd dat ze nog in Libanon woonde.
Het huis waar hij was in het dorp Kfar Sir, was na de bombardementen volledig verwoest. “Ik hoorde het nieuws toen ik op het schoolplein van mijn zonen stond. De moeders zagen dat ik in shock was en kwamen naar mij toe om mij te steunen,” vertelt Zahraa. Naar zijn begrafenis gaan was onmogelijk door de situatie in Libanon. Hierdoor kon ze haar moeder ook niet steunen.

Hevig geweld
De situatie in Libanon is al jaren gespannen. Sinds 2 maart 2026 is er opnieuw sprake van hevig geweld in het land, waarbij meer dan één miljoen Libanezen hun huis hebben moeten verlaten. De oorlog in Zuid-Libanon is nog steeds gaande.
Ondanks alle moeilijkheden die Zahraa heeft meegemaakt, voelt ze zich wel gesteund door inwoners van Nieuwegeiners. Zo vertelt ze dat de manager van de supermarkt waar ze werkt, achter haar stond en haar veel tijd gaf om het verlies van haar broer te verwerken. “Een klant kwam naar mij toe om het adres van mijn moeder te vragen om bloemen aan haar te geven, helaas woont mijn moeder niet hier,” vertelt Zahraa.
Veel steun uit Nieuwegein
Ook veel kennissen uit de buurt kwamen bij haar langs om haar te steunen. Hoewel haar familie duizenden kilometers verderop woont, heeft Zahraa in Nieuwegein een gemeenschap gevonden die haar juist in de moeilijkste periode van haar leven, enorm veel steun biedt.














